Zo lobbyen de eindgebruikers mee

August 9, 2016

Deze vakantie las ik het laatste boek van futuroloog Wim de Ridder: Metamorfose. Hij beschrijft de nieuwste digitale ontwikkelingen en trends, kijkt terug in de historie en trekt de lijn door naar de toekomst. Een aanrader, dat boek.

 

Eén trend domineert: de eindgebruiker krijgt meer macht. 

 

Energie produceren we zelf met zonnepanelen, spullen verkopen we zelf op internet, zelfstandige professionals verzekeren zich onderling tegen ziekte. Als we een kwaaltje hebben, zoeken we zelf op internet naar de diagnose. De Ridder geeft nog veel meer voorbeelden. Steeds meer gaan we zelf aan de slag, van onderop. Om ‘de nieuwe welvaart te creëren’, noemt De Ridder het. De gevestigde bedrijven en instellingen hebben we steeds minder nodig.

 

Mijn grote vraag is dan: wat betekent die trend voor public affairs? 

 

Ook in de lobby krijgt de eindgebruiker meer macht. Kijk maar naar de opkomst van de grassroots, de burgeractivisten. Ze voeren actie tegen windmolens, tegen gasboringen in Groningen, voor het behoud van Zwarte Piet, tegen de ellende rond de pgb’s en tegen de opvang van vluchtelingen. Rolstoelers zetten een Twitteractie op voor betere toegankelijkheid van gebouwen.
Niemand heeft ze ooit geteld: maar er zijn vele honderden burgeractiegroepen in Nederland. En hun aantal groeit. Ze mobiliseren hun achterban via internet. Ze opereren landelijk of lokaal. Zo verschuift de lobbymacht van de elite naar de gewone burger. 

 

En de gevestigde orde dan? Hoe stelt die zich daarop in? Ik zie nog weinig dat grote bedrijven en organisaties hun eindgebruikers, klanten, burgers laten méélobbyen. 

 

De eindgebruiker als bondgenoot in de lobby. Het ligt zo voor de hand.

 

Oké, één voorbeeld dan. Over de opslag van CO2 onder Barendrecht. De gemeente Barendrecht verzette zich daartegen met steun van de bewoners van actiegroep CO2nee. De gevestigde orde werkte samen met de ongeruste burgers.

 

Als de invloed van de eindgebruiker groter wordt, betrek die dan in je lobby. Om meer op te vallen bij beslissers en om je lobbyboodschap nieuwe invalshoeken te geven. Ik geef een paar voorbeelden van hoe dat zou kunnen.

 

• Een fysiotherapeut wil een nieuwe dienst aanbieden aan de gemeente om mensen meer te laten bewegen. Tip: verzamel getuigenissen van patiënten over hoeveel baat ze daarbij kunnen hebben. Authentieke verhalen van gewone mensen. Roep hen op een Facebook pagina te maken waarop ze hun verhalen verzamelen.
• Een muziekschool wordt getroffen door bezuinigingen van de gemeente. Tip: vraag alle cursisten in een paar zinnen te vertellen waarom ze plezier beleven aan de cursussen en waarom ze niet zonder kunnen. Laat het zelf ideeën voor nieuwe cursussen bedenken. Bundel die verhalen en ideeën, ga daarmee naar andere bondgenoten om samen te lobbyen bij de wethouder.
• Een stad wil het dreigende verlies van de intercity voorkomen. Tip: pak je telefoon en interview op het station de reizigers die blij zijn met de intercity op hun station. Laat hen vertellen waarom extra overstappen hen de auto en de file in jaagt. Al die getuigenissen bundel je in een video. Vraag de reizigersorganisatie hetzelfde te doen. Of beter nog: werk met hen samen.
• Een regio heeft te maken met leegstand van winkels. Tip: hou een enquête onder winkelend publiek. Wat vinden zij aantrekkelijk aan de winkels in de binnenstad? Waarom kopen consumenten desondanks toch ook veel online? Vraag hen naar hun droom: hoe ziet hun ideale stadscentrum eruit?
• Ondernemers bundelen hun krachten om een nieuw nationaal park te creëren dat meer toeristen moet trekken. Tip: laat de toeristen vertellen waarom ze heus wel meer van Nederland willen zien dan de Nachtwacht en de Keukenhof. Vraag de ondernemers in het gebied welke kansen zij zien.
• De visserijsector lobbyt in Brussel tegen de aanlandingsplicht. Tip: laat dan de vissers en de visverkopers zelf vertellen waarom die verplichting hen dupeert. 

 

Weet jij voorbeelden van meelobbyen door de eindgebruikers? Laat me die dan weten.

 

Een paar algemene adviezen tot slot:

• Meelobbyen door de eindgebruiker is mogelijk over vrijwel elk lobbyissue. Ook over minder sexy onderwerpen.
• Door de eindgebruikers als bondgenoot te betrekken kom je uit het bekende kringetje van ‘usual suspects’. Onderzoek heeft uitgewezen dat heterogene bondgenootschappen meer lobbysucces hebben dan homogene.
• Benut de kennis uit de ‘leefwereld’ van de gewone klant, consument, burger of patiënt om te lobbyen voor innovaties. De eindgebruiker als cocreator dus.
• Waarom zie ik nog zo weinig bedrijven en organisaties die hun eindgebruikers inzetten in de lobby? Angst om de controle te verliezen? Waarschijnlijk. Terwijl als je je eindgebruikers vanaf het begin betrekt en je samen een podium bouwt waarop zij meelobbyen, dan hou je greep. Trouwens, wie heeft er tegenwoordig nog controle op zijn omgeving?
• Het gebruik van sociale media als lobbykanaal ligt voor de hand, maar dat hoeft lang niet altijd. Je kunt ook ‘stil’ lobbyen met de eindgebruikers.
• Een waarschuwing. Blijf open en eerlijk lobbyen. Als je je eindgebruiker heimelijk voor jou laat lobbyen ga je over de schreef. Astroturfing heet dat in de VS. Een paar jaar geleden pleitte een patiënte van een spierziekte (de ziekte van Pompe) voor toelating van een duur medicijn. Ze vertelde een tranentrekkend verhaal op tv. Later kwam uit dat ze werd betaald door een farmaceutisch bedrijf. 

 

Over de reactiestrategieën op grassroots heb ik eerder een blog geschreven.

 

Het boek van Wim de Ridder: Metamorfose

Share on Facebook
Share on Twitter
Please reload

Uitgelichte berichten

Hoe reageren de ontvangers op public affairs?

September 10, 2019

1/10
Please reload

Recente berichten
Please reload

Archief